Ga naar de inhoud

Brandklasse van systeemplafonds

De brandklasse van systeemplafonds is één van de belangrijke eigenschappen van systeemplafonds die een grote rol spelen bij de keuze van type en soort plafondplaat.

Om de brandwerendheid en brand-vertragende werking van een systeemplafond te bepalen wordt het materiaal ingedeeld in een bepaalde brandklasse. Wat is een brandklasse precies?

Aard en omvang van een brand

Deze betekenis is vooral belangrijk bij de bestrijding van een brand en specifiek het soort materiaal wat brand.

Elk materiaal of brandbare stof brandt met bepaalde eigenschappen. Zo brandt olie (vloeibaar) op een andere wijze dan bijvoorbeeld hout (vaste stof) en aardgas (gas). Metalen vormen een aparte brandklasse net als zeer hete oliën en vetten. Elektrische branden vormen een hele aparte klasse tussen deze brandklassen.

Elk van deze brandklassen heeft zijn eigen specifieke blusmiddel waarmee de brand het beste kan worden bestreden. Dit wordt ook meestal op de brandblussers aangegeven met een symbool. Water mag bijvoorbeeld alleen gebruikt worden voor vaste stoffen naast CO2-, poeder- en schuim-blussers en nooit voor de andere brandklassen.

Brandbaarheid van materialen gebruikt in de gebouwde omgeving.

De brandklasse van een materiaal geeft aan in hoeverre een materiaal of product bijdraagt aan een (beginnende) brand; hoe brandbaar is het materiaal of product. In Europa hanteren we een brand-klassering voor materialen van A (A1) tot en met F waarbij A staat voor (bijna) onbrandbaar materiaal en F voor uiterst brandbaar.

Als toevoeging hierop is de rookontwikkeling (S) en druppelvorming (D) bij een brandend materiaal opgenomen. Rookontwikkeling is bijvoorbeeld zeer schadelijk ook al is er bijna geen vlam vorming bij een bepaald materiaal en is druppelvorming een gevaar voor personen en andere brandbare materialen onder het brandende materiaal.

Een volledige aanduiding van de brandklasse kan dan bijvoorbeeld A2-s1-d0 zijn wat aangeeft dat de bijdrage aan de brand minimaal is (A2), er geringe rookvorming (s1) en geen druppels worden gevormd (d0)

De brandreactie in relatie tot brandklassen

Brandklassen


Klasse

Brandreactie

Vlamuitbreiding?
A1Heeft geen bijdrage aan de brandNee
A2De bijdrage aan brand is minimaalNee
BZeer beperkte bijdrage aan brandNee
CBeperkte bijdrage aan vlamuitbreidingNa 10 minuten
DBijdrage aan vlamuitbreidingTussen 2 en 10 minuten

E
Significante bijdrage aan vlamuitbreidingEerder dan 2 minuten
FNiet getest of niet mogelijk om Klasse E te behalenGeen prestatie bepaald

Rookontwikkeling klassen


Klasse

rookontwikkeling
s0geen rookontwikkeling
s1geringe rookontwikkeling
s2gemiddelde rookontwikkeling
s3grote rookontwikkeling

Druppelvorming klassen


Klasse

druppelvorming
d0geen productie van brandend product (vloeibaar of stroperig)
d1delen branden korter dan 10 sec
d2delen branden langer dan 10 sec

Hoe ontstaat brand?

Een brand ontstaat altijd door een combinatie van brandbaar materiaalhitte en zuurstof. Neem één van deze elementen weg en de brand zal doven. Binnen de wereld van systeemplafonds betekent dit dat er brandvertragende systeemplafonds geleverd kunnen worden. Dit zijn systeemplafonds met plafondplaten waarbij ‘minder’ brandbaar materiaal wordt gebruikt en die brandvertragend werken waardoor de brand minder snel zal overspringen naar een andere ruimte.

De brandwerendheid van een systeemplafond

In Europa stellen landen eisen aan de brandwerendheid van materialen. Hiervoor zijn een aantal basisvoorwaarden opgesteld. Wij vertalen deze eisen uiteraard naar een systeemplafond:

  • E: de scheidende functie: Hier wordt beoordeeld of een systeemplafond het vermogen heeft om het doorslaan van vlammen en gassen te voorkomen.
  • R – de dragende functie: Hier wordt gekeken of een systeemplafond het vermogen heeft om een ‘bepaalde’ belasting aan te kunnen op het moment dat er brand uitbreekt.
  • I – isolerende functie: In deze wordt gekeken naar de thermische isolatie van een systeemplafond(plaat). Dit wordt gemeten bij verhoogde temperatuur op het niet blootgestelde oppervlak.

Wanneer een systeemplafond aan al deze voorwaarden voldoet wordt het geclassificeerd als REI30.